bermen 2012

De mens in de natuur.
De mens in de natuur.
De mens als jager verzamelaar.
Tijdens hun bestaan hebben de mensen zich gevoed met hetgeen de natuur de pot verschafte. Voedsel van plantaardige oorsprong zoals wortels, noten en bessen aangevuld met vlees en vis waren in voldoende mate aanwezig om een kleine populatie mensen te kunnen voorzien. Ze hadden, in tegenstelling met wat algemeen gedacht werd (wordt) weinig voedselproblemen. De kinderen werden verschillende jaren gezoogd en tijdens die periode waren de moeders niet vruchtbaar. Ook was kindermoord (infanticide) geen uitzondering.
Toen de eerste mensen aan landbouw gingen doen kon de bevolking toenemen maar dit leidde wel tot een grotere druk. De mens werd kleiner en aan de beendergestel, vooral de gewrichten, van de eerste landbouwers kon men een degeneratie zien veroorzaakt door het werken op het land. Pas nu bereikt de moderne mens weer de lengte van de vroegere jager verzamelaar. De landbouw op aarde is onafhankelijk van elkaar in China, Midden-Oosten (Irak, Syrië, Turkije, Libanon, Palestina en Egypte), Centraal-Amerika (Mexico) en Nieuw-Guinea (in de hooglanden) ontstaan. Van Nieuw-Guinea is dit pas een zeventigtal jaren bekend.
Herkomst en uitbreiding landbouw in Europa.
Vroege boerderij met landbouw en veeteelt.
De ijzertijd bracht grote veranderingen mee en er konden zich mede door toename bevolking, waardoor een aantal mensen niet bij de landbouw betrokken waren , legers gaan vormen.
Deel van dorp in de ijzertijd.
Tijdens de middeleeuwen nam de bevolking in Europa snel toe. Steden ontstonden en vaklieden verenigden zich in gilden. Toch was het grootste deel van de bevolking nog bij de landbouw betrokken. Vanaf de toename van de bevolking vanaf het ontstaan van de landbouw leefde de mens op het randje van de hongersdood. In de gevallen dat de pest woedde en de bevolking decimeerde trad er tijdelijk door de kleinere bevolkingsdruk wat verlichting op.
In EEN GROENE GESCHIEDENIS VAN DE WERELD van Clive Ponting staan een aantal interessante gegevens. De hierna volgende afbeeldingen, op internet gevonden, en de teksten weerspiegelen een deel van de inhoud van dit boek.
Het Engels Parlement nam in 1533 een wet aan dat alle parochies over netten moesten beschikken om roeken, alpenkraaien en kraaien te vangen. Het Schotse Parlement had deze beslissing al in 1468![]()
bunzing
mol wezel
otter vos
hermelijn
In 1566 werd de wet uitgebreid en mochten kerkmeesters een premie geven om zowel vossen,bunzings,wezels,hermelijnen,otters,egels en ratten en muizen te doden, hetgeen massaal gebeurde.
buizerd havik
raaf visarend
ijsvogel gaai
Ook de hierboven afgebeelde vogels vielen hieronder.
Binnen drie jaar werden er in het Schotse graafschap Sutherland 550 ijsvogels gedood in het begin van de 19e eeuw en dat slechts op één landgoed.
Tussen 1819 en 1826 werden in hetzelfde graafschap 295 volwassen en 60 jonge steenarenden gedood. En dat bleek niet genoeg te zijn want er werden ook nog een aantal eieren vernietigd.
De putter wordt vaak gehouden als kooivogel. In 1860 werden er in Sussex alleen al in het gebied rond Worthing 14.000 putters (distelvinken) gevangen.![]()
Ook de kneu, hier man, is een geliefde kooivogel. In de beginjaren van de 18e eeuw werden er wekelijks 7000 exemplaren op de markt te Londen verkocht. Zo worden er nog talrijke voorbeelden vernoemd en beschreven in een uitgebreid en boeiend gamma. Met dank aan de auteur die mijn kijk op de wereld verruimde.
Laten we niet te streng zijn over de mensen die deelnamen aan voorgaande toestanden. Het leven was destijds veel moeilijker voor hen dan nu voor ons, althans voor hen die in een welvarende westerse wereld leven. De mensen moesten het hoofd boven water zien te houden en zich op andere manieren vermaken, hetgeen vaak met vogel en visvangst gebeurde. Ik heb nog herinneringen hieraan tijdens mijn kinderjaren van 40 en begin 50 van de vorige eeuw toen er kort na de oorlog geen overschot aan materiële dingen waren. Onze huidige levenswijze, door het vernietigen van biotopen, is nog rampzaliger voor de “natuur”. Slechts door actief gedrag zoals hierboven afgebeeld het vormen van schuilplaats en broedgelegenheid kan hierin verandering gebracht worden.
EEN GROENE GESCHIEDENIS VAN DE WERELD is een aanrader. Vooral mensen met een (extreem) rechts gedachtegoed zouden dit boek als een vorm van therapie kunnen gebruiken. Helaas wordt in de scholen teveel ingegaan op ontstaan van rijken, koningshuizen, oorlogen, regeringsvormen en aanverwanten. In dit boek wordt o.a. met een aantal voorbeelden uitgelegd dat de DERDE WERELD een creatie is van de EERSTE WERELD. Oorzaak en gevolg. Een aantal oorzaken zijn verleden tijd maar vele mistoestanden gaan desondanks heden nog voort. De gevolgen doen zich nu voort o.a. in de vorm van een GROTE VOLKSVERHUIZING.
Beiden hierboven afgebeelde boeken zouden in iedere middelbare school aan bod moeten komen. De door velen onder ons verdraaide kijk op de wereld is een gevolg van de opvoeding die veel onder ons genoten hebben. Niet dat deze mensen wat te verwijten valt, uiteindelijk zijn we allen slachtoffer van een voorgekouwde levenswijze die zijn oorsprong in ons verleden heeft. Geloofsovertuiging heeft hier een grote rol in gespeeld. Door onze huidige “welstand”, althans van de westelijke wereld, hebben we de mogelijkheid ons hieruit te bevrijden. Met wat inspanning kunnen we onze ketenen van tunnelvisie afwerpen. Vooral de huidige media proberen de mensen, uit winstbejag, te verslaven aan o.a. politiereeksen, kookprogramma’s, verdraaide idoolvorming, dit onder het mom dat de mens zich na de dagtaak moet “vermaken”. Het is eerder een verkapte vorm van “kleineren”. Heb respect voor het leven op aarde waarbij een “goede en aangename” manier van leven met verantwoorde luxe niet uitgesloten hoeft te zijn. Nog even een bemerking dat voor politiekers, zelfs op gemeentelijk vlak, het lezen van deze boeken geen tijdsverspilling hoeft te zijn.
Een goed voorbeeld van natuurbeleid vindt men in Noord-Brabant NL. Na het creëren van een aantal geschikte biotopen, geschikt voor de boomkikker, worden een aantal jonge boomkikkertjes opgekweekt. Dit kan omdat 99 % van het jonge spul in de “vrije natuur”de eerste weken of maanden niet overleeft, voedsel, ziekten en andere externe factoren zorgen hiervoor. Onder beschermde omstandigheden kunnen, zonder schade aan de moederpopulatie aan te richten, honderden exemplaren veilig opgekweekt worden. Zodoende kunnen biotopen die vrij dicht bij elkaar liggen gevormd worden zodat genetische uitwisseling gewaarborgd is
Leuke foto.
foto Pieter Boers
In PSYCHE&BREIN nr.4 2011 staat een interessant artikel getiteld groen tegen de blues. Een wandeling in de natuur verbetert het humeur en het concentratievermogen. Mensen die in de buurt van een park wonen zouden minder last van moderne ziekten zoals verhoogde bloeddruk hebben en langer leven. Zachte prikkels van de natuur zouden een positieve invloed op ons hebben althans volgens een aantal onderzoeken. Zelfs kunstmatige afbeeldingen met betrekking op de natuur bijv.posters of foto’s zouden al positief ervaren worden.
foto Pieter Boers.
In hetzelfde artikel. ”Het beleven van de natuur verbetert in alle opzichten onze gezondheid” zegt Jolanda Maas (sociologe) verbonden aan het onderzoeksinstituut voor gezondheid en zorg van de Vrije Universiteit in Amsterdam.
foto Pieter Boers
Samen met een aantal collega’s heeft de sociologe van 350.000 Nederlanders de medische gegevens van een representatieve steekproef geanalyseerd. Uit data van 195 huisartsen werd een geografisch raster gevormd waaruit ze de hoeveelheid “groen” in de woonomgeving van deelnemers kon overzien. Conclusie, hoe groener de omgeving hoe minder last van hart en vaatziekten, longaandoeningen, diabetes, depressies en angststoornissen. Hierbij werd rekening gehouden met de sociale klassen, platteland, stad (parken) en andere belangrijke factoren.
foto Pieter Boers
Wereldwijde onderzoeken worden in het artikel beschreven. Stephen Kaplan van Universiteit van Michigan liet zowat veertig proefpersonen een, gecontroleerde gps, wandeling maken in het drukke stadscentrum en in de botanische tuin. Na afloop werden psychologische testen gedaan waaruit bleek dat de personen die in “het groen” hadden gewandeld een duidelijk beter humeur hadden en zich beter konden concentreren. Bij een geheugentest haalden ze ook betere resultaten.
foto Pieter Boers
Technologische middelen kunnen een surrogaat-natuur uitbeelden met het grote gevaar voor “environmental amnesia” ofwel geheugenverlies met betrekking tot onze omgeving volgens Peter Kahn van Universiteit van Washington.
Het communiceren tussen hersencellen (neuronen) verloopt zowel electronisch als chemisch. Deze combinatie zorgt voor zowel een secuurdere als snellere gegevensoverdracht. Een neuron ontvangt gegevens via zijn dendrieten en geeft ze door via zijn axon. De chemische plaats van overdracht is de synaptische spleet. Hier worden neurotransmitters afgevuurd en ontvangen. Serotonine is een belangrijke transmitter die in voldoende hoeveelheden ons brein positief beïnvloedt. Treden hier storingen op wat betreft afvuren of ontvangen dan kan een mogelijke depressie ontstaan. Hier volgt een interessant gegeven uit voornoemd artikel. Kleine bodembewoner zorgt voor beter humeur. Mycobacterium vacccae, een bacterie die in de grond leeft, bleek bij injecteren in de hersenen van muizen de groei van cellen te stimuleren die de neurotransmitter serotonine produceren. Door een latere proef werd via voedsel de bacterie binnengebracht waardoor het proefdier twee keer zo snel de weg in een doolhof kon vinden als de muizen die hetzelfde voedsel zonder de bacterie gekregen hadden. Bij kankerpatiënten bleek de bacterie ook stemmingsverbeterend te werken. Hieruit blijkt dat bepaalde moleculen in organismen belangrijke medische waarden kunnen bezitten en biodiversiteit enorm belangrijk is.
foto Pieter Boers
Even mentaal “opkikkeren”.
foto Pieter Boers
Knotbomen, vroeger gebruikshout nu rustgevend.
foto Pieter Boers
Wees niet omgevingsblind want dat is een sluipende gebreksziekte.
Beeld uit het carboon. Het carboon duurde vanaf 368 miljoen jaar geleden (28 november 20:05 uur) tot 288 miljoen jaar geleden (5 december 17:17 uur). Het zuurstofgehalte in de lucht was door de uitbundige vegetatie 31% (21% nu). Daardoor konden insecten en andere geleedpotigen grote afmetingen aannemen.
miljoenpoot meganeura libel
arthropleura Spanwijdte 75 centimeter
Tijdens het Laat Carboon 306 miljoen jaar geleden was door de rijke vegetatie het CO2 gehalte in de atmosfeer sterk gedaald. Een van de gevolgen hiervan was een algemene afkoeling waardoor op het zuidelijk halfrond een grote ijskap kon ontstaan. De Benelux landen lagen net boven de evenaar.
In het Devoon waren de eerste bossen ontstaan. Tijdens het vroeg Carboon, enige tientallen miljoen jaren later, nl. 356 miljoen jaren geleden namen deze bossen een grote uitbreiding. Het CO2 gehalte nam af en een ijskap ontstond die later sterk uitbreidde. De Beneluxlanden lagen nog op het zuidelijk halfrond ter hoogte van het huidige Congo.
In de gemeente Essen dreigden 71 gezonde eiken te verdwijnen. Reden een fietspad? Akkoord goede en veilige fietspaden zijn belangrijk. Toch is er een goed alternatief tegen het opstuwen van de weg door de wortels. Vooral omdat het wortelbestand niet meer zal toenemen (bomen zijn volgroeid) kon dit geen drogreden zijn om deze bomen te verwijderen. Er zijn zééér goede alternatieven waardoor de veiligheid van fietsers zal toenemen . Bladval kan vervelend zijn maar is geen reden tot kappen aangezien bomen een positieve meerwaarde hebben door de lucht te zuiveren koolstof op te nemen en zuurstof af te geven. Gelukkig heeft men het plan tot kappen laten varen hetgeen van wijsheid getuigt.
Verkooptechnieken. Wie wilt er niet in een vredige groene laan wonen, schijnheiligheid of realiteit? Mensen voelen zich beter in een groene omgeving.
Vergeet dit.
Of dit.
Niet zo.
Maar zo.
Want wij nemen CO2 op en geven O2 zuurstof af.
Sinds het ontstaan van de aarde heeft het klimaat talrijke ingrijpende veranderingen ondergaan. De zon straalde aanvankelijk hoogenergetische golven uit, uv stralen zowel als röntgen,die agressief waren maar veel minder warmte overbrachten maar door de zéér hoge CO2 waarden in de toenmalige atmosfeer veranderde de aarde niet in een constante ijsbal. Milancovic berekende een aantal waarden in de baan van de aarde om de zon en samen met de veranderlijke helling van de aardas kunnen de ijstijden voor een deel verklaard worden. Dat het verschijnen of afwezig blijven van het aantal zonnevlekken in hun elfjarige cyclus tevens van invloed is op het wereldklimaat wordt algemeen aanvaard.
Dit is een afbeelding van het Tobameer op Sumatra. Dit zijn de resten van een enorme magmakamer die 74.000 jaar geleden uitgebarsten is. Bij deze uitbarsting zou 2800 kubieke kilometer as uitgestoten zijn. Het meer is 100 kilometer lang en 30 kilometer breed. Er zijn theoriën dat een overgroot deel van de mensen op aarde hierbij omgekomen zou zijn en er daardoor zo weinig genetische variatie tussen de mensen is. Deze beweringen worden weer, zoals gebruikelijk, door andere onderzoekers tegengesproken. Deze uitbarsting zou eeuwenlang voor een flinke afkoeling van het wereldklimaat gezorgd hebben. Het eiland zijn de resten van een uitbarsting van 30.000 jaar geleden, die was veel minder hevig.
Wie haalt zijn gelijk? Zodra er grote geldbedragen en politieke belangen mee gemoeid zijn raakt de waarheid in nevelen gehuld. Zo ook met de toekomstige klimaatveranderingen. Belangrijke industriële belangen en wetenschap vormen vaak een hechte combinatie. Het wereldklimaat wordt bepaald door talrijke factoren. Factoren die vaak onduidelijk zijn en tevens buiten de aarde hun oorsprong kunnen hebben zoals de baan van ons zonnestelsel door de melkweg. Reusachtige stofwolken kunnen het pad van ons zonnestelsel door de melkweg kruisen. Hetgeen waarschijnlijk ooit al gebeurd is. Kometen en asteroïden zijn onvoorspelbaar. De zon kan (tijdelijk) van karakter veranderen. Reusachtige vormen van vulkanisme (spleetvulkanisme zoals Siberische traps en Deccan traps) of superuitbarstingen (Toba) kunnen jarenlang het zonlicht belemmeren en de wereldtemperatuur gevoelig doen dalen. Ook CO2 waarden kunnen een rol spelen en vooral de methaanhydraten die in enorme hoeveelheden opgeslagen liggen onder het continentaal plat kunnen een bedreiging vormen zoals 53 miljoen jaar geleden tijdens het Paleoceen Eoceen optimum (zie boven). Ook de methaanhoeveelheden onder de permafrost blijven een risico.
Maar ook de wetenschappers zitten niet op dezelfde lijn. Het welles nietes spelletje wordt op hoog niveau gespeeld en zowel de voor als tegenstanders scoren.
Hier is duidelijk te zien dat de zon geen constante is. Op de eerste afbeelding links toen de zon minder dan 300 miljoen jaar oud was, was de energieafgifte heel hevig maar minder als warmtestraling . Zonnevlekken duiden op een lagere oppervlaktetemperatuur van de zon op de plaats van de zonnevlek, maar daaronder wordt duidelijk weergegeven dat tijdens de aanwezigheid van zonnevlekken de zon meer explosief is op andere plaatsen. De tweede faze geeft een beeld van de zonneenergie toen het eerste leven op aarde verscheen, er was toen nog geen ozonlaag zodat leven op vasteland zonder bescherming totaal onmogelijk zou zijn. De derde afbeelding was de zon 2 miljard jaar oud en begon zich vrije zuurstof in de oceanen te vormen, nog geen ozonbescherming. De vierde afbeelding de toestand van de huidige zon. Hij geeft hier minder energierijke stralen af maar de uitgestraalde golven zijn langer en verschoven naar warmtestraling waardoor de zon minder energie maar toch totaal meer warmte afgeeft. Op de donkere vlekken is de temperatuur zeker duizend graden minder
Wel een beetje cynisch want met boomvrij wordt eigenlijk houtvrij papier bedoelt gemaakt van bamboe. Hier echter in combinatie van de marsfoto wijst het op de periode van voor het Devoon 420 miljoen jaar geleden (23 november 16:20 uur) toen er op de aarde nog geen planten of bomen bestonden, slechts hier en daar langs rivieroevers wat mossen en algen. De rode kleur wijst op ijzeroxyden. Voor veel mensen moet dit uitzicht een droomwereld zijn, geen bladval, geen schaduw, geen mieren, geen muizen, geen belasting, geen buren en geen mensen. Rustiger kan het niet.
bermen augustus september
Bermen augustus september.
Citroenvlinder op kattenstaart. Zomer 2011 is de zomer van de lege vlinderstruiken. Ik ben er sterk van overtuigd dat het huidig maaisysteem in de landen van West-Europa vernietigend is voor het vlinderbestand. Juist tijdens de periode dat de meeste vlinders in ei of popstadium verkeren worden de bermen, de enige plaats waar ze zich nog kunnen voortplanten, geklepeld en worden ze weggezogen. De bermen zijn beroofd van bloemen waardoor alleen nog tuinen wat voedsel kunnen aanbieden. De bermen zijn de enige plaatsen waar ruigtes nog aanwezig zouden kunnen zijn. Er zullen waarschijnlijk ook nog andere factoren meespelen, o.a. schuilgelegenheid tijdens de winter voor de overblijvers zoals kleine vos, dagpauwoog en citroenvlinder kunnen “propere” bermen niet bieden. Enkel mensen die geen respect voor andere levensvormen die “algemeen bezit” zijn kunnen opbrengen, blijven hier onverschillig over. Het antropocentrisch denken (denken dat de mens heer en meester is over de natuur) dat via bepaalde geloofsovertuigingen bij velen nog ingeworteld zit ligt aan de basis van deze onverschilligheid.
Op het Schriek bestaat een afvoerprobleem bij hevige regenval. Bij Cools is daarom een opvangbekken voor de ergste nood gegraven. Dit biedt mogelijkheden voor wilde bloemen voor de toekomst. Er zijn o.a. kattenstaart, heelblaadjes, watermunt, grote kaardebol, dotterbloemen, wilde majorlein en gele morgenster aangeplant. Verder zijn er nog verschillende zaden uitgezaaid. We proberen zoveel mogelijk te bereiken.
Op de Ringelshoef, zijstraat Schanker, hebben Dirk en Sandra een dikke honderdtal planten uitgeplant. Het was voor Dirk de eerste maal dat hij ons hielp en hij vond het zo fijn dat er in de toekomst meer op hem gerekend kan worden. Het was maar voor anderhalf uur waarin nog wat uitleg gegeven werd, het was gewoon plezant. Dit jaar zijn er door de droge lente een par projecten wat over het hoofd gezien maar de schade zal komend jaar zeker ingehaald worden.
Ilse heeft ondertussen de akkerdistel verwijderd. Kwestie van respect tegenover de landbouw.
Wat een hondeleven! Droes de hond van Sandra had helemaal geen goesting om plantgaten te graven.
Volgend jaar zullen hier talrijke bloemen de wandelaars en fietsers begroeten. Dirk, Sandra en Ilse bedankt voor de hulp.
Vooral de kattenstaart is favoriet bij veel voorbijgangers. De waardering waar veel mensen blijk van geven is hartverwarmend en geeft moed voor de toekomst.
Er zijn nogal wat mensen die naar de klaproos en korenbloem vragen. Vooral het droge voorjaar ligt aan de basis hiervan, niet willen kiemen, maar ook het berijden van de percelen gebeurt helaas nog teveel. Automobilisten geef toch a.u.b. de tractoren voorrang en stel je verdekt op in een slop. Er gaat nog geen minuut verloren. Of speelt de mentaliteit van niemand belangrijker dan ikzelf de hoofdrol. Leer toch even te stoppen. Toon respect voor anderen die voor algemeen belang werkzaam zijn.
Watermunt en heelblaadjes volop in de zon met wat luwte. Een microklimaat kan veel insecten bekoren.
Ik vind dit verekkes mooi.
De oranje zandoogjes zijn zowat de enige vlinders die, slechts in de door ons beheerde bermen, talrijk voortkomen. Gewoonlijk verschijnen ze half juli tot half augustus talrijk. Daarna kun je nog enkele exemplaren zien in de komende weken. Ze leven slechts een tweetal weken. het grootste deel van hun leven brengen ze als rups door.
Een van de mooiste plekken van Essen.
Duifkruid bloeit heel lang, met wat geluk op een zacht najaar tot in november. Samen met de beemdkroon en blauwe knoop vormen ze een geliefd, wat op elkaar lijkend trio.
De eerste blauwe knopen komen in bloei. Tijd voor de spinnen.
De tijgerspin heeft zijn plaatsje gevonden. Sinds een paar jaar zijn ze vanwege de opwarming in onze streken verschenen. Nu zijn ze met tientallen in het Roze Gronon aanwezig. Blauwe knoop en spinnen zijn een begrip voor mij. Tijdens het zaad plukken van de blauwe knoop geraken er weleens flinke exemplaren mee in de auto. Enkele jaren terug, rustig autorijdend, een joekel, goed vet, op enkele centimeters voor het topje van mijn neus onbekommerd naar beneden zakkend. Gelukkig zat mijn vrouw niet in de auto.
Schermhavikskruid.
Kattestaart, Sint-Janskruid en beemdkroon.
De blauwe knoop, een van de laatst bloeiende planten.
Een mooie kleurcombinatie.
Ringelshoef, zijstraat Schanker, massa’s blauwe knoop.
Spijtig dat het zo een slecht vlinderjaar is. Hier zou veel gefladder moeten zijn.
Werken aan de toekomst.
Dit jaar ruim 5500 planten opgekweekt waarvan de meesten al uitgeplant.
Een zo beheerde sloot is mooi en zal tijdens winter en vroege lente goed afwateren.
Grassen belemmeren dat sloten goed afvoeren, kattestaart en koninginnekruid vergaan in het najaar en vormen geen paketten.
2011 het jaar van de lege vlinderstruiken.
Zelfs de atalanta was vrij zeldzaam. Twee exemplaren op één foto te krijgen was al uitzonderlijk.
Zondag 25 september, een mooie nazomer levert nog een paar mooie plaatjes op. Een zevental dagpauwogen krikken mijn humeur wat extra op.
De meeste bermen zijn weer gemaaid. Waar moeten vlinders en co. nog voedsel vinden? Zelfs de atalanta was deze zomer vrij zeldzaam.
Deze kleine vos is er een van de laatste zomergeneratie. Samen met de dagpauwogen en citroenvlinders zal hij een goede en veilige overwinteringsplaats moeten vinden. De atalantas en distelvlinders zullen weer naar het zuiden trekken.
Het heelal
Het heelal
Het heelal. Het heelal als natuurbeleving? Vreemd? Nee toch. De verscheidenheid aan kosmische verschijnselen of aardse organismen. Beiden kunnen emoties oproepen aan hen die er voor openstaan. Zonder heelal geen aarde en zonder aarde geen fauna of flora. Zestig jaar geleden kon men bij ons op heldere avonden van een spectaculaire sterrenhemel genieten. De melkweg was duidelijk waarneembaar. De kennis ervan daarentegen was een stuk minder. Stripverhalen konden rustig maanbewoners en andere mogelijk voor de aarde bedreigende wezens opvoeren. Ons planetenstelsel herbergde hoogontwikkelde beschavingen waarvan de marsbewoners wel het grootste gevaar vormden. Venus was hiervan de tegenpool. Prachtige slanke vriendelijke wezens die de aardbewoners zeer genegen waren. Hierboven een prachtige foto gemaakt door de Hubble-telescoop. Er staat slechts één ster op de rest stellen allemaal melkwegstelsels voor, zelfs de nietigste stipjes op miljarden lichtjaren afstand.
Het heelal heeft een aantal eigenschappen waarmee velen onder ons heel vertrouwd zijn zonder besef van hun aard te hebben. Ongeveer 13,7 miljard jaar geleden is het heelal “geboren” vanuit een onvoorstelbaar klein beginpunt, een singulariteit waarin de huidige natuurwetten niet tellen. Het heelal is niet in een lege ruimte ontstaan. Een van de belangrijkste eigenschappen van het heelal is dat zij zelf de ruimte vormt en wel in drie dimensies, breedte lengte en hoogte. En één tijddimensie die in één richting voorwaarts loopt. Het heelal is hierdoor grenzeloos van omvang maar wel begrensd in massa en energie. Teruggaan in de tijd is onmogelijk. Wel gaat de tijd overal niet even snel. Onder zwaartekracht of versnelling gaat de tijd trager. Op de afbeelding hierboven kan men talrijke fasen zien van haar ontwikkeling. Het heelal dijt nu steeds sneller uit zodat de tussenafstanden van melkwegclusters steeds groter worden en de temperatuur steeds dichter het absoluut nulpunt nadert. Nu nog ongeveer drie graden erboven. Absolute minimum temperatuur -273° Celsius of 0° Kelvin.
Reizen naar het verleden? Volgens een wetenschappelijk onderzoek waarbij vanuit het CERN bij Genève neutrinos door de aarde naar het 732 kilometer verder gelegen GRAN SASSO laboratorium “gevuurd” werden, bleken deze neutrinos zich iets sneller dan de lichtsnelheid te verplaatsen. Dit is DE VERRASSING VAN DE EEUW omdat door de relativiteitstheorie aangenomen werd dat de lichtsnelheid de absolute snelheid was. De wildste verhalen doen de ronde en er wordt over reizen naar het verleden gesproken. Laten we met beide voeten op de grond blijven. Neutrinos zijn zowat de kleinste deeltjes die bestaan, ze zijn zo klein dat ze met miljarden tegelijk door de aarde gaan. Zowat niets kan ze tegenhouden en er zijn miljoenen besteed om ze te kunnen waarnemen. Waarschijnlijk zal later blijken dat een of ander gegeven over het hoofd is gezien en de lichtsnelheid de absolute snelheid is.
Neutrinos ontstaan bij kernreacties. Lang werd gedacht dat ze zoals fotonen geen massa bezitten. Ze hebben echter wel een heel klein beetje massa. Verwar neutrinos niet met neutronen.
Er bestaan verschillende soorten neutrinos. Rechts detectering van neutrinos in een zogenaamde bellenkamer.
Vorming van elementaire deeltjes. Let er wel op dat de verhoudingen niet juist zijn. Tussen het ontstaan van licht en de huidige tijd ligt een verschil van meer dan 13 miljard jaar.
De beroemde formule van Einstein. E betekent energie, M staat voor massa en C is de lichtsnelheid. Tijdens de uitdijïng van het heelal daalde de temperatuur aanzienlijk, van vele miljoenen graden naar -270° Celsius ofwel 3° Kelvin ongeveer 3° boven het absoluut nulpunt. Tijdens deze afkoeling werd energie gedeeltelijk omgezet in massa. Via een aantal tussenstappen zijn aan de voorwaarden voldaan om bijv. de aarde te vormen en na nog wat kunststukjes is op aarde leven ontstaan.
Komische afbeelding waar onder invloed van versnelling en snelheid de tijd van de ruimtevaarder veel trager gaat dan de aardse tijd. Hierdoor zou een veel oudere dochter haar veel jongere vader kunnen begroeten bij zijn terugkeer.
Een lid van een tweeling staat op het punt een ruimtereis te maken. Als de ruimtevaarder na zijn reis terugkeert ontmoet hij zijn tweelingbroer die dan vele jaren ouder blijkt te zijn dan de ruimtevaarder. In zijn algemene relativiteitstheorie heeft Einstein de invloed van zwaartekracht opgenomen. Terugkeren in de tijd is onmogelijk.
De moraal, geloof niet altijd Papa.
Ster a en ster b staan 5 lichtjaar van elkaar af. De lichtsnelheid is iets minder dan 300.000 kilometer per seconde. Een lichtjaar is dus het aantal seconden per jaar maal 300.000 km.
Speciale relativiteitstheorie. In 1905 maakte Albert Einstein zijn speciale relativiteitstheorie bekend. Tijd en ruimte zijn niet absoluut. Een reiziger die van a naar b gaat , een afstand van 5 lichtjaar, met een bepaalde snelheid zal tegenover de thuisblijvers een langzamere tijd ondergaan waardoor de thuisblijvers sneller ouder worden al naar gelang de snelheid van de reiziger.
Een reiziger vertrekt van a naar b . Al naargelang zijn snelheid kan het verschil in tijd dat thuisblijvers en reiziger ondergaan twee jaar zijn. De achterblijvers in a hebben een veroudering ondergaan van twee jaar ten opzichte van de reiziger als deze punt b bereikt. Versnellen is die kromming van de ruimte volgen. Hoe meer men versnelt hoe meer de ruimte kromt. Om het afgebeeld effect te hebben moet de lichtsnelheid al dicht benaderd zijn.
Een hypothetische voorstelling. Veronderstel dat de reiziger met lichtsnelheid zou kunnen reizen, dan zou deze bij aankomst van b niet ouder geworden zijn, nog geen fractie van een seconde ten opzichte van de thuisblijver bij zijn vertrek. De achterblijvers in a zouden op hetzelfde ogenblik vijf jaar ouder zijn. Voorwerpen of deeltjes die massa hebben kunnen nooit de lichtsnelheid behalen, omdat bij het naderen van de lichtsnelheid hun massa steeds toeneemt tot in het oneindige. Deeltjes die geen massa hebben, bijvoorbeeld fotonen bezitten geen massa. Deze deeltjes versnellen niet maar hebben bij uitzending onmiddellijk de lichtsnelheid, dit is een eigenschap van dergelijke deeltjes. In dit geval is de ruimtekromming het grootst.
Albert Einstein en de speciale relativiteitstheorie. Veronderstel, je rijdt in een auto tegen 80 kilometer per uur. Je schiet een kogel af met 1000 kilometer per uur, dan zal de snelheid van de kogel 1000+ 80= 1080 kilometer per uur zijn, althans bij de aanvangsnelheid. Nu hetzelfde met een zaklantaarn. Je rijdt 80 kilometer per uur en zet de zaklantaarn aan. Je zou misschien de snelheid van de auto willen optellen met de lichtsnelheid. Nee de snelheid van de lichtstraal zal hetzelfde blijven. Je verplaatst je met een raket met 40.000 kilometer per uur en steekt een schijnwerper aan. Je zult dezelfde uitkomst hebben als de persoon in de auto, nl. de lichtsnelheid. Voor alle waarnemers blijft de uitkomst hetzelfde of je nu stilstaat of je zeer snel verplaatst, je eigen snelheid mag je nooit optellen met de lichtsnelheid. Deze is altijd 300.000 kilometer per seconde in het luchtledige. Nog iets, twee vliegtuigen naderen elkaar, de een vliegt 750 kilometer per uur de ander 800km. per uur. Ze naderen elkaar dus met 1550 kilometer per uur. Zolang de ontmoetingssnelheid de 300.000 kilometer per seconde niet benadert is er geen vuiltje aan de lucht. De naderingssnelheid zal nooit hoger dan 300.000 kilometer per seconde zijn. Twee ruimtevaartuigen vliegen recht op elkaar af met een snelheid van 250.000 kilometer per seconde. Je zou denken dat ze elkaar met een snelheid van 500.000 kilometer per seconde naderen. Nee dus, de totale ontmoetingssnelheid zal nooit boven de 300.000 kilometer per seconde zijn.
Even een gedachtenexperiment om het voorgaande te verklaren. Hierboven zie je een afbeelding van een zwart gat. Laten we deze afbeelding voor iets anders gebruiken. Stel twee raketten worden van iedere zijkant naar elkaar toegeschoten, een horizontale lijn, boven in afbeelding, volgend. Hun snelheid neemt toe tot ze beiden de 150.000 km. per seconde beginnen te naderen. Ze zullen, hoewel ze nog steeds van mening zijn op de horizontale lijn te zitten, sneller wegzakken bij het naderen van de ontmoetingssnelheid van 300.000 KM/S. zonder zich daar bewust van te zijn. Als ze elkaar beneden raken zal de ontmoetingssnelheid nooit de lichtsnelheid overtreden. Waarom, omdat de snelle kilometer korter wordt dan een trage kilometer, kromming ruimte. Als je langs een laan met bomen rijdt lijkt het als je sneller gaat rijden de afstand tussen de bomen kleiner te worden . Bij bovenvernoemde snelheden worden de kilometers ook effectief korter. Je legt wel de aantallen kilometers af maar omdat deze effectief korter worden zal de afgelegde afstand korter zijn. Zwaartekracht en versnelling krommen de ruimte.
Een gelukkig toeval van het heelal is een kleine onregelmatigheid in de verdeling van energie. Door deze onregelmatigheid konden waterstof en heliumkernen door zwaartekracht samenklonteren. Doordat de samenklontering zo extreem werd liep de temperatuur door de grote druk sterk op en bij 15 miljoen graden konden in de kern hiervan waterstofkernen fuseren tot heliumkernen, een ster was geboren . Alle sterren zijn niet even groot en zij kunnen enorm in grootte verschillen. Hier wordt onze zon getoond en het donker bolletje rechtsboven is de planeet mercurius tijdens een overschuiving van haar baan langs de zon, althans gezien vanuit de positie van de aarde. De omringde vlek beneden is een zonnevlek. Hun aanwezigheid of afwezigheid tijdens 11 jarige cyclussen kunnen van invloed zijn op het wereldklimaat.
Bekijk filmpjes op youtube vy canis major.
Als U via de vorige foto zich een idee kunt vormen van de grootte van de zon volgt hier een verrassing. De afgebeelde ster VY Canis Major van de grote hond en onze zon. Bemerk de enorme verschillen in omvang. Onze zon is een nietig stipje in vergelijking met de andere. Het is duidelijk dat de grote ster meer “brandstof” heeft en meer waterstof in helium kan omzetten. Hierdoor kan men geneigd zijn te denken dat de grotere ster dus een langere levensduur zal hebben, meer brandstof langer warmte. Niets is echter minder waar. De kerntemperatuur kan tot 150 miljoen graden oplopen en de fusieprocessen lopen ook anders. De reuzester zal in een fractie, vergeleken met de levensduur van de kleine ster, haar waterstof omgezet hebben in helium en met enkele tussenstappen ijzer gaan vormen. Nu is er voor de vorming van ijzer meer energie nodig dan dat het oplevert. Zodoende zal de ster in de kern afkoelen, hierdoor wordt het evenwicht tussen ineenstorting door zwaartekracht en uitdijing door hitte verbroken. Haar kern zal met miljoenen kilometers per uur ineenstorten tot een neutronenster, de rest van de invallende materie zal op de schil van de neutronenster afketsen hetgeen de temperatuur enorm doet toenemen. De temperatuurtoename zal tot boven de 100 miljoen graden Celsius oplopen waardoor in de daarop volgende lagen van de ster, waarin nog volop waterstof aanwezig is, weer kernfusie plaatsvinden. De uitzettingskrachten krijgen de overhand op de zwaartekracht die de ster wilt behouden. Gevolg, een enorme ontploffing. Tijdens deze ontploffing worden door invang van vrije neutronen talrijke elementen zwaarder dan ijzer gevormd waaronder de zeer zware zoals uranium. Deze elementen vormen een galactische wolk waarin waterstof nog ruim de grootste aanwezige is en waaruit weer andere sterren kunnen ontstaan. Deze sterren van de tweede generatie bevatten alle elementen die tot een zonnestelsel met planeten kunnen leiden. Hieraan hebben wij uiteindelijk ons bestaan te danken.
De krabnevel toont de resten van een super nova (een zeer zware ster die door ijzervorming ineenstort, althans de kern, er treedt daarna zeer snelle fusie van resterende waterstof op waardoor de hitte met tientallen miljoenen graden toeneemt zodat deze explosief wordt.) die door Chinese astronomen op 1 juli 1054 waargenomen werd. Deze afbeelding geeft de huidige toestand weer. De resterende kern wordt gevormd door een neutronenster die dertig keer per seconde om haar eigen as draait.
Van een neutronenster is de kern zo dicht dat de atoomkernen geen elektronen gordel meer kunnen bevatten. Daardoor veranderen de protonen door invang elektronen in neutronen. De ster wordt bedekt door een ijzerschil. Door het uitzenden van energiebundels zijn ze waarneembaar. Bij nog grotere massa zal de gevormde neutronenster veranderen in een zwart gat.
Kerninstorting en explosieve wegsmijten rest materie in heelal.
Hier zijn de elementen te zien die door kernfusie gemaakt worden in een zware ster. Alle anderen ontstaan door invang van neutronen.
De gevormde elementen van buiten naar binnen waterstof, helium,koolstof,neon,zuurstof,silicium en ijzer.
Onze zon kan ongeveer tien miljard jaar atoomkernen fuseren tot zuurstof toe.. De supergrote reuzen miljoenen jaren.
In de beginperiode was onze zon “heviger”en straalde ze meer kortegolfstralen uit (Gamma Röntgen en ultraviolet). Nu straalt ze meer warmtestralen uit, tot 25% meer warmte.
Kernfusie. Quantum verschijnselen liggen aan de oorsprong van kernfusie. Om tot samensmelting van atoomkernen te komen moet de afstotende positieve krachten van de protonen overwonnen worden. Het uitzonderingsprincipe waardoor er altijd een klein percentage deuterium of tritium kernen zoveel energie hebben dat ze de afstotende werking van de positieve kernen kunnen overbruggen levert een zeer klein aandeel hierin. Het merendeel kan via het “tunnelingseffect” de barrière doorbreken en tot massale kernfusie leiden. Bij dit proces komen enorme hoeveelheden energie vrij.
Tunnelingsaffect simpel voorgesteld.
Het inwendige van onze zon is complexer dan vroeger verondersteld werd.
Het Herzsprung-Russell diagram geeft de levensloop van de sterren aan. Onze zon zit op de hoofdreeks.
De leeftijd van het heelal is vastgesteld op 13,7 miljard jaar en dijt steeds sneller uit. De absolute snelheid in het heelal is de lichtsnelheid in vacuüm, bijna 300.000 kilometer per seconde. Het heelal zelf kan sneller uitdijen dan de lichtsnelheid. Het heelal heeft aan talrijke voorwaarden moeten voldoen om te zijn zoals het nu is. Deze randvoorwaarden zijn zeldzamer dan het winnen van euromillions, maar het bewijs dat wij er in kunnen leven is een bevestiging van het bestaan van die uiterst zeldzame randvoorwaarden.
De meeste sterren bevinden zich in melkwegstelsels. Dit zijn meestal reusachtige afgeplatte systemen die ook hun eigen ontwikkeling in de tijd hebben. Elliptische stelsels, spiraalstelsels en balkspiraalstelsels zijn de meest voorkomende vormen.
Het heelal heeft een soort bellenstructuur waarin melkweg clusters verdeeld zijn. Draden met melkwegclusters en lege bellen lijkt de opzet te zijn.
Hier een duidelijker beeld van de indeling van het heelal.
Ons melkwegstelsel is een spiraalstelsel. We maken deel uit van een groep (cluster) melkwegstelsels, de Lokale Groep genaamd, die onderling verbonden zijn door een zwaartekrachtsveld dat door de massa van de cluster zelf gevormd is. Door de expansie van het heelal kan de onderlinge ruimte tussen de clusters groter worden. In de cluster zelf bewegen de melkwegstelsels zich volgens de zwaartekrachtvelden die in de cluster zelf aanwezig zijn. Het andromedastelsel, onze buur, staat op zowat 2,5 miljoen lichtjaar van ons af, maar haar baan nadert die van ons melkwegstelsel en zal in de verre toekomst ons melkwegstelsel kruisen. ![]()
Het andromedastelsel heeft een doorsnede van 250.000 lichtjaar en bevat ong. 350 miljard sterren met een gemiddelde van onze zon. Het melkwegstelsel waartoe wij behoren zal een doorsnede van 100.000 lichtjaar hebben.
Hier botsen twee melkwegstelsels (galaxys) op elkaar. Er zal echter geen ster op een andere botsen omdat de sterren veel te ver uit elkaar staan. Onze dichtsbijstaande ster, proxima centauri, staat op 4,2 lichtjaar van ons vandaan. De botsende zwaartekrachtvelden zullen de galaxystructuren vernietigen en de stelsels uiteenrijten.
Botsende galaxys nemen vreemde vormen aan en de verre toekomst zal over de uiteindelijke vorm beslissen. Vermengen ze zich of volgt een onherroepelijke scheiding.
Sterren die hun levensloop beeindigd hebben als super nova hebben veel stof de ruimte ingesmeten. De meeste galaxys bevatten dan ook veel stofwolken die veel waterstof bevatten maar ook alle andere natuurlijke elementen. Hieruit kunnen weer sterrenstelsels met planeten ontstaan.
De “zuilen der schepping” worden deze vormen, die deel uitmaken van de adelaarsnevel in het sterrenbeeld slang, ook wel genoemd . Bovenaan in de lichtgevende rand worden sterren geboren die de omringende stofwolk laten opgloeien. Deze stofwolken lijken dicht van structuur te zijn maar zijn in werkelijkheid enorm ijl met een grootte van vele lichtjaren . Dit beeld kun je makkelijk vinden via google Earth.
Planeten buiten ons zonnestelsel worden exoplaneten genoemd. Dit is een prachtige afbeelding maar weinig realistisch. De afstand tussen de onderlinge planeten moet veel groter zijn. De onderlinge zwaartekracht zou hier wel op een vernietigende manier raad mee weten. Toch een leuk plaatje.
Ons zonnestelsel bestaat 4,6 miljard jaar. Uit de resten van een stofwolk gemaakt door een super nova is ons zonnestelsel opgebouwd. De vernietigde ster moet minstens een massa gehad hebben van zesmaal onze zon. Zijn levensloop was een fractie van de levensduur van een ster als bijvoorbeeld onze zon. Toen uiteindelijk in zijn kern ijzer gefuseerd werd betekende dat meteen zijn einde. Het is vreemd te beseffen dat het ijzer dat in ons bloed zit in de hemoglobine, gevormd is in deze verdwenen ster. Trouwens alle atomen waaruit ons lichaam opgebouwd zijn zijn afkomstig van deze ster.
Zwaartekracht trekt materie aan, maar niet alleen materie ook licht valt onder de krachten van de grote slokop. Hoe groter de massa van bijv. een planeet of ster hoe moeilijker om eraan te ontsnappen. Bij een zwart gat (black hole) is de aantrekkingskracht zo groot dat er zelfs geen licht aan kan ontsnappen. De grens ligt bij de waarnemingshorizon. Een opmerkelijk feit is dat er altijd nog een enorm zwaartekrachtsveld buiten het zwart gat aanwezig is. Het zwarte gat “verlaat” het heelal, althans worden haar gegevens voor ons onzichtbaar, haar kromming van ruimte en tijd blijven plaatselijk aanwezig. Gravitonen zouden voor zwaartekracht zorgen. Het zwaartekrachtsveld buiten het zwart gat zijn de restanten van de zwaartekracht gevormd voor de vorming van het zwart gat ,het gaat niet verloren en vermindert niet in tijdsduur. Gravitonen zijn nog nooit waargenomen en vormen daardoor een uitzondering, bestaan ze wel?
Misschien komt de term quasar bekend voor. Quasars zijn vrij vroeg in het heelal ontstaan. Waarschijnlijk zijn het supergrote zwarte gaten die de kern van een melkwegstelsel vormen en reeds veel materie hiervan opgeslorpt hebben. Ze trekken de rest van de materie van de galaxy aan dat onder enorme snelheden cirkelent in de waarnemingshorizon verdwijnt. Door deze enorme snelheden treden er buiten de waarnemingshorizon dynamo effecten op doordat door de enorme toenemende snelheden atomen geïoniseerd raken waardoor haaks op de as hoogenergetische stralen (gamma) de ruimte ingezonden worden en zodoende voor ons waarneembaar zijn. Quasars zijn meer dan tien miljard jaar oud en bestaan niet meer in die hoedanigheid maar hun licht bereikt ons nu pas.
In 1915 presenteerde Einstein de algemene relativiteitstheorie. Zwaartekracht vervormt ruimte en tijd. Newton meende dat er tussen twee objecten een directe zwaartekracht verbinding was, bijv. een touw dat de twee objecten verbindt. Zwaartekrachtgolven (gravitonen) verplaatsen zich met de lichtsnelheid. Als we naar de zon kijken zien we hem staan op de plaats waar deze zich acht minuten geleden bevond.
De zwaartekracht is het grootst in het middelpunt van het objekt, bijv. het middelpunt van de aarde. Hoe verder van het middelpunt hoe minder de zwaartekracht. Dit heeft als gevolg dat onze voeten verhoudingsgewijs zwaarder zijn dan ons hoofd, omdat ons hoofd verder van het middelpunt van de aarde is dan onze voeten. Ook zijn onze voeten een beetje jonger dan ons hoofd omdat zwaartekracht en tijd met elkaar verbonden zijn. Met een atoomklok heeft men dergelijke verschillen,van een lantaarnpaal, kunnen aantonen hoewel in dit geval de verschillen uiterst miniem zijn.
Omdat, zoals bij de vorige afbeelding beschreven, de zwaartekracht aan de voeten groter is dan het hoofd, treden er bij de nadering van een zwart gat extreme verschillen op. De enorme aantrekkingsverschillen op korte afstand bij de waarnemingshorizon kunnen het lichaam uiteenrijten. De kosmische pijnbank of spagettiverschijnselen zijn o.a. benamingen voor dit verschijnsel.
Hierboven verdwijnt onze aarde in een zwart gat.
Er wordt weleens de mogelijkheid geopperd dat men eventueel via de rand van een wormgat in de tijd zou kunnen reizen. Deze beweringen zijn zeer speculatief en voor fantasten acceptabel. Dromen is leuk. Wetenschap is echter nooit onherroepelijk, als echter ooit mocht blijken dat het toch werkelijkheid zou worden, vergeef me dan.
De aantrekkingskracht van de zon verbuigt het licht van een ster. Zodoende zien we de ster op een andere plaats dan hij werkelijk staat. De afstand tot de ster achter de zon is niet van belang bij dit voorbeeld . Deze waarneming kan enkel gedaan worden bij een volledige zonsverduistering.
Langzaam aan naderen we de basis van het leven waartoe o.a. flora en fauna behoren. ONS ZONNESTELSEL. De zon bevat 99,8% van de totale massa van het zonnestelsel.
We gaan even terug naar haar ontstaan.
Het ontstaan van ons zonnestelsel:
Een kleine vijf miljard jaar geleden ontstond door een verdichting van materie in een reusachtige stofwolk een groot zwaartekrachtveld. In de kern verzamelde zich enorme hoeveelheden waterstof die de grootste massa van de stofwolk vertegenwoordigde. Omdat er echter door middel van een of meerdere super nova’s ook alle natuurlijke elementen die op onze planeet voortkomen, in de stofwolk aanwezig waren, bestond de mogelijkheid tot vorming van steenachtige planeten. De ingevangen materie cirkelde rond het zwaartekrachtspunt en de zwaarste elementen begonnen zich te verzamelen tot rotsblokken. Deze blokken zochten een kleinere omloopbaan. In de kern verzamelde zich massaal waterstof die door grote druk heet begon te worden. De buitenste planeten zoals jupiter, saturnus, uranus en neptunes zijn gasplaneten.
Door de toename van hitte door de grote druk die miljoenen graden werd ontstond er kernfusie. Waterstof werd omgezet in helium. De zon was ontstaan. Grote rotsblokken klonterden steeds verder samen, die later de vaste planeten zouden vormen. Sterren worden meestal groepsgewijs gevormd maar ze verwijderen zich meestal van elkaar. Ook vormen talrijke sterren “dubbelsterren” die tezamen om het door hen gevormde zwaartekrachtsveld draaien.
Vier en een half miljard jaar geleden kregen de planeten ruwweg hun vormen en plaatsen rond de zon. Door de hitte die vrijkwam door het samenklonteren van materie en radioactief verval en inslagen van kometen en meteorieten werd de aarde roodgloeiend.
De banen waren nog niet loepzuiver en het geheel was nog hectisch. Na een paar 100.000 jaren na de vorming aarde botste een planeet van de grootte van mars tegen de aarde.
Beide bovenstaande afbeeldingen beelden de botsing tussen twee hemellichamen uit waardoor de maan zou ontstaan. Dank aan de makers hiervan.
Hierboven de vorming van het duo aarde maan. De maan heeft vrijwel geen zware elementen, ook ijzer is er uiterst zeldzaam. Door de botsing zijn de lichtere elementen weggesmeten die later de maan zouden vormen.
Onze prille aarde werd voortdurend bestookt door meteoren. De resten ervan zijn nog goed op de maan te zien en getuigen van de hektische toestanden die er toendertijd heersten. Ook tegenwoordig zijn er nog veel meteoren en kometen in ons zonnestelsel en wordt de aarde nog regelmatig getroffen door vooral kleinere exemplaren. Af en toe echter is het goed raak, getuige bijv. de Arizonakrater.
Door afkoeling werd gesteente gevormd. De zon straalde toen 25 tot 30% minder warmtestralen uit dan nu maar veel meer hoogenergetische zoals röntgen stralen.
De maan stond veel dichter bij de aarde dan nu. Ieder jaar verwijdert hij zich met enkele centimeters van de aarde. Tevens draaide de aarde toen sneller om haar as waardoor destijds de dagen korter waren, de draaisnelheid van de aarde neemt nog steeds af.
Vier miljard jaar geleden ontstonden de eerste oceanen. Via vulkanisme kwam er veel waterdamp in de atmosfeer. Ook inslagen van kometen, die veel waterijs bevatten, zou aan de oorsprong van de oceanen liggen.
Veel van de radioactieve elementen die aanwezig waren tijdens de vorming van de aarde zijn in de loop der tijden omgezet in stabiele elementen. Destijds was er veel meer vulkanisme door de talrijkere radioactieve elementen. Hierdoor veranderde de atmosfeer en werd veel water gevormd.
Iets meer dan 4,5 miljard jaar zouden de continenten verstoken blijven van iedere vorm van leven. Op jaarbasis zou pas 20 november de eerste algjes langs de waterkanten verschijnen.
De huidige aarde. Het binnenste dankt zijn warmte aan radioactief verval. Wel is deze warmteproductie door de halveringsleeftijd van radioactive elementen aanzienlijk minder dan in het prille begin. Ondanks de talrijke levens die er te betreuren vallen door zowel aardbevingen als vulkanisme zijn deze verschijnselen (endogene cyclus) er de oorzaak van dat het leven niet door honger verdwijnt bij gebrek aan de noodzakelijke mineralen.
Waarom deze uiteenzetting? Natuurbeleving bestaat uit meer dan fauna en flora. Kennis leidt tot waardering (misschien) en waardering kan leiden tot positief gedrag hetgeen broodnodig is om onze “beschaving” draaiende te houden. Bij dezen dank aan te personen die de prachtige afbeeldingen gemaakt hebben. Deze website is zeker niet wetenschappenlijk van opzet maar bedoelt om personen die interesse hebben in de verschillende onderdelen de verwevenheid ervan aan te laten voelen. Interessen van mezelf ligt aan de basis hiervan. Er bestaan prachtige wetenschappelijke of niet wetenschappelijke websites.” Berts geschiedenis “ zal zeker veel mensen kunnen bekoren, ook die van Scotese over de aardgeschiedenis. Zo zijn er nog talrijke anderen die zeker een bezoekje waard zijn.
Uiteraard is hier maar een beperkt deel van de kosmische verschijnselen besproken. Indien U hier meer van wilt weten kunnen de plaatselijke sterrenwachten zoals bijv.Urania meer uitgebreide informatie verstrekken, een bezoekje hieraan is altijd zeer interessant.
Bermen juli, augustus 2011
Bermen juli en augustus 2011.
Vanaf de tweede week van juli begint het koninginnekruid en de kattestaart te bloeien. Het ruig klokje (midden) bloeit al vanaf begin juli.
De grote pimpernel heeft een vreemde bloeiwijze met een bijna kastanjebruine kleur.
Het ruig klokje.
Vooraan laag in het midden staat duifkruid met een lichtblauwe kleur te pronken. Het uitgebloeide valeriaan heeft, boven de gele morgenster, een bijna roze schijn.
Een grote verscheidenheid aan planten.
Bloeiende heelblaadjes tussen valeriaan.
Het is toch niet vreemd dat juist hier nog vlinders en talrijke andere insecten te zien zijn.
Ook bezoekers van buiten Essen komen hier vaak langs.
De kattestaart is erg geliefd, zowel doormens als insect.
De wilde cichorei heeft een mooie zachte blauwe kleur.
Wilde cichorei.
Beemdkroon heeft een lange bloeitijd.
Watermunt maakt uitlopers. Veel insecten worden door zijn bloemen aangetrokken.
De blauwe beemdooievaarsbek bloeit lang.
Ruig klokje.
Heelblaadjes.
Sleedoorn heeft mooie vruchten.
Hier stonden eerst grote brandnetel en akkerdistel.
Natuur en landbouw in mooie harmonie.
Augustus
In augustus bloeien de kattestaart en heelblaadjes massaal.
De kattestaart een echte blikvanger.
Koninginnekruid
Een natuurlijke manier om distels en brandnetel te bestrijden. Koninginnekruid is niet schadelijk voor de landbouw. Ook Jacobskruiskruid en ridderzuring (varkensoren) krijgen hier geen kans. Een paradijs voor veel insecten.
Moerasspirea met kleine vos.
Wilde cichorei.
Het Rose Grononpad trekt veel bezoekers.
Maart, april en mei zijn heel droge maanden geweest. We moesten duizenden planten uitplanten in de berm. Door de droogte hebben we ons moeten concentreren op één punt vanwege massaal water geven. Plaatsen die noodgedwongen minder aan bod gekomen zijn worden volgend jaar beter aangepakt. Hopelijk begrip hiervoor.
Leverkruid ofwel koninginnekruid zoals de huidige naam is.
De zwarte toorts, waarom deze naam voor zo een mooie plant.
De wilde cichorei. Naar zeggen moeten de zaden geneeskrachtige moleculen bevatten voor wilde vogels. Volgend jaar worden er nog meer opgekweekt en uitgezet.
Dit is een van de oorzaken waarom ik van de maand augustus houd.
Ooievaarsbekken op Schriek.
Schriek. Sloot met wilde planten en een mooie haag.
Grote pimpernel.
Ondanks onze inspanningen is 2011 een slecht vlinderjaar. Mochten er echter landelijk zo veel meer bermen zijn zouden de vlinderpopulaties ondanks slechte weersomstandigheden er beter aan toe zijn. Ook zullen de imkers minder sterfte meemaken.
Watermunt en heelblaadjes. Zo een sloot vormt een ideaal microklimaat.
Oranje zandoogjes snoepen hier van de watermunt. Priscilla en Chris bedankt hiervoor. Mensen die geen raad weten met een “vuile sloot” neem contact op.
Middenberm ringweg Essen, gele ganzenbloem.
Ik ben meerdere malen aangesproken over het feit dat er zo weinig klaproos en korenbloem staat. Dit droge voorjaar heeft de klaproos en korenbloem zeer slecht doen kiemen. In de berm wordt er nogal makkelijk over gereden. Dit kan vrij eenvoudig opgelost worden. Geef de landbouwvoertuigen a.u.b. voorrang, hun machines kunnen moeilijk uitwijken stel je daarom even op op een geschikte plaats bijv. slop (ingang weide of akker. Het moet al gek gaan wil je een minuut verliezen. HOFFELIJKHEID. Zodoende zult U volgend jaar een tuiltje akkerbloemen kunnen plukken.
Verkiest U dit of de algemene huidige agressie?
De lijsterbes bloeit dit jaar prachtig.
Door de droogte heeft deze bosroos minder mooi gebloeid dan vorig jaar. Toch draagt de plant talrijke rozebottels, de groenlingen zullen er komende winter raad mee weten.
Het schermhavikskruid kan zich zelfstandig settelen, haar mooie bloemen trekken veel insecten aan
Hier kunnen talrijke dieren voedsel en schuilgelegenheid vinden.
Heelblaadjes maken uitlopers maar kunnen geen bemesting verdragen zoals talrijke bermplanten.
Dergelijke bermen kunnen in de toekomst troeven voor de gemeente vormen. Ze raken steeds bekender.
Geluk is niet te koop zegt men, maar er kan wel aan gewerkt worden.
Hilde is biologielerares Mariaberg middelbaar. Een van haar leerlingen had een succesvol eindwerk over het Rose Grononpad gemaakt. Hopelijk maakt deze student(e) een goede keuze voor de toekomst. In ieder geval bij deze veel succes toegewenst.
Ook Rob geeft op dezelfde school biologieles. Als hij kan is hij steeds bereid om te helpen evenzo geldt voor Hilde.
Mensen die bramen komen plukken bestaat nog. Een goede snoeibeurt zorgt voor veel dracht in het komende jaar. Beide voornoemde personen hebben op hun school reeds een vrijwilligerskern bijeengebracht om de daar verwezenlijkte projecten te onderhouden.
Wat bezielt de sluikstorters toch, zijn die paar centen die de gemeente vraagt er echt teveel aan. Sluikstorten kost de gemeente en zo de inwoners veel geld. Zijn die personen zo primitief dat ze denken dat alles zomaar gratis kan. Blijkbaar zijn ze overtuigt van hun eigen gelijk. Het zijn waarlijk zielige figuren.
De grond is hier vrij droog. Toch hoopte ik dat de wilgenpoten in leven zouden blijven ze hoefden weliswaar niet sterk te groeien. Sterke droogteperiodes hebben echter een stok in de wielen gestoken. Hier is Willie paalgaten aan het boren. Enkele jaren geleden werd er met de aanhangwagen achteruit ingereden en rommel gedumpt. Hopelijk schermen binnen enkel jaren braam, kamperfoelie en bosroos het geheel af en wordt het een aangenaam zicht.
Een mooie combinatie.
De vruchten van de Gelderse roos worden door weinig vogels gesmaakt. Komen er van de winter pestvogels uit het oosten zullen ze snel opgegeten worden. Dezen zijn er namelijk dol op.
Sporkehout is een zeer nuttige struik (boompje). Het is met de wegedoorn de waardplant van de citroenvlinder die er de eitjes oplegt. Verder trekt hij veel bijen aan. Typisch is dat de struik tegelijk in bloei staat en onrijpe en rijpe vruchten draagt.
Bramen plukken, gelukkig kan het nog in Essen.
Hopelijk kan de pracht van de natuur overgebracht worden. Vooral stadsmensen weten het te waarderen, een pluspunt voor Essen.
Brembesieme ofwel brembesies over de meet. De bijna vergeten volksnaam van bramen. Nostalgie.
De sleedoorn bloeit heel vroeg. De bessen zijn prachtig en nodigen uit tot eten. Niet doen want het zal je niet goed bekomen.
Wilde kamperfoelie. Geurend op een warme windstille zomeravond.
Dondersteen, Horendonk. Op vele Essense wegen kom je wilde bramen tegen.
Nog een beetje geduld en wat zonneschijn
Vitaminebommen.
De éénstijlige meidoorn.
Meidoorn, hulst en hondsroos, een vogelparadijs op Dondersteen. Dondersteen is een landbouwweg op Horendonk (Den Uil) bij het kapelleke. De herkomst van de naam zou verwijzen naar een naaldboom waar de bliksem op ingeslagen is en de stam met de terpetijn een verkoolde en verharde stronk gevormd heeft. In Roosendaal noemde men vroeger een jongen die een moeilijk en lastig karakter had een dondersteen. Of deze term in Vlaanderen gebruikt werd is mij onbekend.
Waardevolle zaken.
Waarom hou ik zo van de natuur?
Rust en kalmte gevend maar ook zorgen over hetgeen nog gedaan moet worden, want het komt niet vanzelf.
Wij bezorgen de landbouw geen last.
Jammer dat er over dit gefreesde perceel zoveel gereden is.
Zomerse bermen 2011.
Zomerse bermen 2011.
Valeriaan en gele morgenster fleuren in afwachting van kattestaart en koninginnekruid de berm op.
Valeriaan van dichtbij, hij geurt ook heerlijk.
Grote ratelaar, een prachtige en nuttige éénjarige plant.
Het knoopkruid is geliefd door talrijke insecten, bijen, hommels, vlinders, zweefvliegen en putters zijn dol op hun zaad.
De kleine vos is een zeldzame vlinder geworden. Algemeen en talrijk in de jaren vijftig van de vorige eeuw is deze soort in de daarop volgende jaren sterk achteruit gegaan. Mijn vreugde is daarom groot bij de huidige heropleving, althans toch zeker op het Roze Grononpad waar hij nu goed aanwezig is. Hopelijk kan de populatie standhouden.
Een grote verscheidenheid aan bloeiende planten.
Als half juni de bermen weer gemaaid worden zullen de door ons beheerde een oase vormen voor talrijke organismen.
Geliefd door velen.
Grote ratelaar en adderwortel.
Mooie momenten.
Hier genieten velen van.
Het oranje havikskruid maakt met haar uitlopers dichte bestanden.
In het Spijkerbroekje staan mooie elzenknotten. Een doorkijk op perceel Cools met talrijke margrieten.
Hopelijk komt er snel regen, zodat klaproos en korenbloem de bloei van margrieten op kunnen volgen.
Terrein van Mariaberg, Kloosterstraat. Hier werd een houtwal aangeplant en in afwachting tot de struiken een gesloten geheel gaan vormen werd het perceel eveneens met bloemenzaad ingezaaid.
Persoonlijk geef ik de voorkeur aan een zelfgemaakt zaadmengels aangezien in de handel verkrijgbare mengsels me niet zo goed bevallen. Aan de paal hangt een “nestkast” voor solitaire bijen.
Met een beetje goede wil en inzet komt het geluk je sneller tegemoet. Ziehier het resultaat.
De potpolder belooft een interessant gebied te worden. Veel planten zijn na een grondige onderhoudsbeurt van 2010 ontkiemt.
Potpolder.
Potpolder
Wilde marjolein op Dondersteen.
Gaspeldoorn Dondersteen.
Waterpoel op Raaiberg.
De kattestaart aan de poel. Een welkome plant voor veel insekten.
De kleine vuurvlinder. Prachtig.
Het vlasbekje, algemeen voortkoment.
Het muurleeuwebekje op levende muur.
Pas gestartte levende muur. Water is dan zeer welkom.
Oorspronkelijk komt de Teunisbloem uit Amerika. Omdat zijn zaden zo geliefd zijn bij putter of sijs is de plant welkom.
Aanplant in sloot aan Roosbroek.
Geelspriet dikkopje.
Ruig klokje.
Kattestaart.
Beemdooievaarsbek.
Wilde bertram.
Moerasspirea.
St.Janskruid en knoopkruid.
Een mooie combinatie.
Deze gele morgenster heeft bezoek.
Wilde peen.
Grote ratelaar.
Grote aardhommel op knoopkruid.
Wilde cichorei.
Grote pimpernel.
Klein koolwitje op knoopkruid.
Wilde bloemenberm.
Kleine vos op knoopkruid.
Knoopkruid wordt weleens aangezien voor een distel. Deze waardevolle plant is géééén distel en totaal onschadelijk voor de landbouw die terecht de akkerdistel vrezen.
Akkerhommel R en weidehommel? op knoopkruid.
Wilde kamperfoelie geurt heerlijk.
Oranje zandoogje op alweer knoopkruid.
Steenhommel.
Wie kent de klaproos niet?
Hier gooi ik alle zorgen van me af.
Oranje havikskruid.
Geelspriet dikkopje op beemdkroon.
Groot koolwitje (vrouwtje).
Welkome hulp bij zaadplukken.
Schoolprojecten Essen..
Ieder jaar gaan we met een aantal scholen naar de “Hopmeer” een natuurreservaatje net over de grens bij Nispen. Hier overwinteren ieder jaar een paar duizend ganzen waarvan we er meestal een flink aantal kunnen waarnemen. Ook zijn er, als de plasjes niet dichtgevroren zijn, een aantal eendensoorten te zien en dit jaar ook een grote zilverreiger.
Bij de meeste scholen scholen in onze gemeente hebben we goede contacten waarvoor we uiteraard erg dankbaar zijn.
Hier gaan we zien hoe we met het College en St. Jozefschool naar de Hopmeer gaan.
Ter voorbereiding op de “ganzentocht” wordt via een power point presentatie gewezen op de kenmerken van een aantal wintergasten. Ook wordt even aandacht besteed aan een beperkt aantal ganzen een eenden die massaal in Zeeland te waarnemen zijn maar helaas niet in het programma opgenomen kunnen worden.
Als er nog vragen zijn, stel ze gerust en laten we hopen dat het goed weer zal zijn.
Nog even op de computer de details doornemen, wat is het nonnetje toch een mooie watervogel, helaas zullen we hem niet te zien krijgen daar hij alleen in Zeeland te zien is.
De voorbereidingen zitten erop, laat het nu maar komen.
Donderdag 22 december. Natuurreservaat “Hopmeer” te Nispen NL. Tegen half tien arriveren de twee vijfde klassen per fiets. Windstil en zeer zachte temperatuur. Veel kolganzen aanwezig met de nodige canadaganzen, een enkele indische gans en wat grauwe ganzen. Kleine groepjes vlogen zoekend naar een weiland om er te grazen. Op de plasjes zwommen vrij veel smienten, wat wintertalingen enkele slobeenden en ook een enkele pijlstaart. De gewone wilde eend is niet te missen maar een grote zilverreiger is wat anders en ook twee blauwe reigers trokken bekijks.
Ilse, Sandra en Toon zorgden voor de warme choco en zij hadden een goede klandezie en dat het smaakte is op de foto’s te zien.
De telescopen leverden mooie beelden op en de leerlingen waren erg enthousiast.
Er werden allerlei vragen gesteld die altijd deskundig beantwoord werden.
Ook de leerkrachten genoten volop.
Armand ,een wereldreiziger, had veel te vertellen en uit te leggen.
Houdooeeeeeeee!!!! En tot ziens.
Om kwart na elf zorgde de zesde klassen van het College voor de aflossing.
Paul &Paul, Jos en Willy zorgden ervoor dat alle leerlingen, met de nodige uitleg, aan hun trekken kwamen.
Armand geeft juf Liesbet de nodige uitleg.
Voor Sandra ging er een andere wereld open.
De “tap” werd deskundig verzorgd.
Genieten à volonté.
Het is een erg fijne morgen.
Kijk, bij de kolgans moeten we daarop letten, en de smienten zien er zo uit en……………………………
Bedankt en houdooeee!!!!!!!!!!!!!!
Het zit er weer op en met een “witteke” werd nog een poosje nagekaart.
Nestkasten
Marcel en Albert, twee vrijwilligers uit Zundert boren de invlieggaten.
Vier scholen, St.Josef, Mariaberg centrum en Hoek en St.Vincentius hebben zich opgegeven voor het nestkastenproject.
Het vierde leerjaar Mariaberg centrum. 60 leerlingen hebben besloten later timmermen te worden.
Het is wel speeltijd maar dit kan ik niet laten, keitof.
We willen de vogeltjes best helpen.
Knap werk gasten, een mooi nestkastje.
Ook de meisjes staan hun mannetje.
Klopperdeklopklopklop.
Fier met het gedane werk, dat mag zeker.
Nestkastjes, foeeert jong.
Wij houden van bloempotten!!!
24 mei. St.Jozef school, 36 kinderen 4e leerjaar zijn nieuwsgierig naar hun opdracht.
Eerst even wat uitleg.
Wat zouden wij graag beginnen.
Alles is verdeeld en wij zijn klaar. Even nog een laatste instructie.
Ook de juf let goed op.
John,schiet toch eens op met je uitleg, wij willen werken.
We vliegen erin.
John, kom ons eens helpen?
Kijk als je het zo doet lukt het vanzelf.
Deze nestkast is voor spreeuwen, kennen jullie die vogel?
Knap werk geleverd gasten. En wat vonden jullie ervan? Cooool!
St. Vincentius Horendonk. Power point presentatie vogels, in het zesde leerjaar worden roofvogels besproken.
Alle klassen komen aan bod en de sfeer is fantastisch.
Kauwen in de schoorsteen zijn gevaarlijk.
Het is prachtig je voor de jeugd te mogen inzetten, directie en leerkrachten bedankt voor de medewerking.
Leergierigheid en interesse, hopelijk gaat dit in de toekomst niet verloren.
Hoeveel vogelsoorten zijn er wel niet? Teveel om allemaal te bespreken maar jullie hebben nog een hele toekomst voor je. De natuur kan een leidraad in je leven zijn als je er voor openstaat. Gegroet.
St. Vincentius Horendonk zesde leerjaar. Even werkwijze uitleggen.
Handige jongelui.
Voorzichtig de nagels er gedeeltelijk inslagen.
We gaan zorgvuldig te werk.
Echte stielmannen.
Sublieme samenwerking.
Deze jongedames staan hun mannetje.
Even helpen met het deksel aanpassen.
We zijn fier op onze prestatie.
Een puik team. Deze nestkasten worden opgehangen bij de Raaiberg, zodat de spreeuwenkolonie kan uitbreiden. Spreeuwen verorberen veel insecten en zijn nuttige vogels. Alle medewerkers bedankt. Jos Jacobs, onze vogelman, gaat de nestkasten ophangen en opvolgen. Gegroet.
St. Jozefschool. Ook hier werken de leerkrachten mee om de jeugd wat meer inzicht bij te brengen betreffende de natuur. In deze klas komen mezen en vinken aan bod.
Een natuurwandeling langs het Rose Gronon! Keitof.
Veel bloemsoorten en insecten.
De Kleine Aa vinden ze altijd interessant. En ja we hebben de weidebeekjuffer gezien.
Kijk daar een kalf in de beek! Brandweer en landbouwer werden verwittigd. Wie zou er het eerst arriveren? Wedden! De landbouwer won met kleine voorsprong.
Hoe gaan we het aanpakken?
De landbouwerszoon schiet in actie.
Het lukt aardig.
Gered.
De opluchting is groot.
Dank zij ons is het kalfje gered.
Uiteraard is ook de landbouwer content.
De “honderd” gaat vertrekken.
Nog een laatste groet en bedankje van betrokken familieleden.
Hieruit blijkt duidelijk de educatieve functie van de “kikkerkuipen”.
Talrijke jonge kikkertjes, plezant jong.
Nog even gasten want het is bijna middag.
Deze jongelui zijn duidelijk geïnteresseerd. Het was een fijne dag en we hebben vanavond thuis zeker veel te vertellen. Tot volgend schooljaar en een fijne vakantie.
Leerlingen van Erasmus Atheneum op bezoek bij Jef en Rina in de Zandstraat. Beiden zijn fervente liefhebbers van de Belgische trekpaarden (prachtige beesten). Ieder jaar kunnen we er terecht met scholen. Dit jaar hadden ze de smid besteld maar vanwege een afspraakfout van John liep deze afspraak mis. Hopelijk een les voor volgend jaar.
Meteen liefde op het eerste zicht.
Welk dier is favoriet? Ze zijn allevijf prachtig en lief.
Het is veel te warm. Ik zoek de schaduw op.
Ook het hondehok trok veel bekijks. Het waren dan ook heel lieve honden.
Een mooie groepsfoto voor later.
Het afscheid valt zwaar.
Deze prachtige oude schuur heeft zo zijn geheimen. Twee nesten van winterkoninkjes.
Daar in het hooi zit een nestje van de winterkoning.
Daar broedt een boerenzwaluw. Er zijn reeds drie legsels uitgevlogen van elk vijf jongen.
Er liggen veel drankblikjes en wat andere rommel in de berm. Dat moet eens ophouden en wij gaan ervoor.
Nog wat uitleg over de berm.
Er vliegen daar een paar vlinders.
Met het aanbieden van wat sluikstort nemen we afscheid. Jongelui een fijne vakantie en misschien tot volgend schooljaar. Houdoeeeee!!!!!!!!!
Bloemrijke bermen, bronnen van leven.
Wat gaat de zomer van 2011 ons brengen?
Dit koppel uit de Wildert geniet regelmatig van de bloemrijke bermen en houtwallen op het Rose Gronon. De banken vinden ze ideaal om te verpozen en de rust van het landschap op te nemen.
Weer zijn er drie kuipen gestolen, ditmaal waren ze bevolkt met kikkervisjes, die we dood teruggevonden hebben in de lege kuil. De vermoedens naar de dader(s) worden gevoed door de werkwijze maar er valt direct niets te bewijzen. Toch moeten dader(s) zich ervan bewust zijn dat dit zich tegen hem(n) kan keren. Ook kan een groep mensen op grond van geruchten (hoewel ze er waarschijnlijk niets mee te maken hebben) er in de toekomst hinder of schade van ondervinden omdat er een geruchtenstroom ontstaat. Hiermee moeten we voorzichtig zijn maar als er wind gezaaid is of wordt kan de bliksem op rare plaatsen inslaan.
Vele mensen komen hier kalmte en rust zoeken en ik ontvang veel reacties betreffende dergelijke daden, temeer omdat hier duidelijk is dat het stelen van de kuipen niet het doel op zichzelf is maar het ontmoedigen van ons beheer hiervan het uiteindelijke doel is. Aan chantage wordt geen gevolg gegeven, laten we dit duidelijk stellen.
Dode kikkervisjes, waarom?
Hier is de rand van het weiland van Jos Godrie te zien. Weilandranden zijn vaak gevoelig voor het binnendringen van lastige onkruiden. Hier en daar was de grote brandnetel het weiland binnengedrongen. John heeft zich voorgenomen, zijn belofte indachtig, dit lastig kruid te doen verdwijnen uit het weiland. Iedere week de rand onder de draad maaien zal deze zonder te spuiten doen verdwijnen. Ook de ridderzuring (varkensoren) wordt zoveel mogelijk verwijderd evenals de beruchte akkerdistel. Kwestie van goede verhouding met de landbouw.
Roosbroek.
In 2010 hebben we met enkele medewerkers ruim 2000 dotterbloemen opgekweekt. Op het Rose Gronon pad hebben we de meeste geplant. Maar ook het gebied Roosbroek, Spijker zijn er vele honderden aangeplant.
De dotterbloem.
Tijdens het voorjaar ziet men vaak geelkleurige bloemen. De mooie paardebloem kan weilanden prachtig kleuren.
Gelukkig doet het oranjetipje (vlinder) het vrij goed en nemen de aantallen hiervan toe. Hun waardplant (waarop ze hun eitjes afzetten) is look zonder look die hierboven afgebeeld is. Ook de pinksterbloem is een belangrijke waardplant.
Rechtsboven het mannetje oranjetipje en linksonder het vrouwtje dat sterk op het kleine koolwitje lijkt.
Vandaag 23 mei zaten er zeven kleine vossen vrij dicht bijeen op zowel beemdkroon als knoopkruid. Het gebeurt de laatste jaren dat je nauwelijks zeven kleine vossen tijdens de hele zomer te zien krijgt. Omdat ik er ook op andere plaatsen waargenomen heb hoop ik op een algemene opleving en niet alleen een plaatselijke.
Kleine vos.
Dit jaar zijn er voor de eerste maal oranjetipjes gezien aan het Rose Gronon. De mannetjes vallen eerder op vanwege de oranje vleugeltippen.
De Amerikaanse vogelkers is (helaas) algemeen bekend. Dat er een inheemse Europese vogelkers bestaat (helaas) veel minder. Laatsvernoemde is een prachtige struik met frisse groene bladeren en mooie bloemtrossen die heerlijk geuren. Er staan enkele exemplaren aan het Rose Gronon en Raaiberg.
De blauwzwarte rapunzel is een zeer zeldzame plant. Hij bloeit heel kort maar door zijn prachtige bloemen een echte aanwinst. Er staan nu enkele exemplaren in de berm.
Het is ongelooflijk hoe het plantenbestand in het voorjaar zich in enkele weken ontwikkelt. Het ene moment vrijwel kaal en korte tijd later een weelde aan groene planten en kleurige bloemen.
De beemdooievaarsbek, een sterke plant met prachtige bloemen.
Dagkoekoeksbloem een vroege verschijning.
Echte koekoeksbloemen houden van vochtige grond.
Echte koekoeksbloem.
Tegenslagen door sterfte bij imkers. Een plaatselijke imker. Van zijn 32 kasten zijn er slechts 4 overgebleven. Hij zag het even niet meer zitten maar heeft toch weer doorgebeten en andere volkeren aangeschaft hetgeen een flink bedrag gekost heeft. In de nacht van zaterdag op zondag heeft hij zijn kasten weer opgehaald uit Wallonië waar ze koolzaadvelden bestoven hebben hetgeen noodzakelijk is voor een goede opbrengst van koolzaad. De grote kasten vooraan zijn zwaar van de honing. Hij schat op een 45 kilo per grote kast. Het is hem van harte gegund. Bedankt voor de uitleg en met ons bermbeheer hopen we jullie te kunnen ondersteunen.
Vorig jaar werd het wegdek hersteld aan het kruispunt van Heiblok. De berm was afgeschraapt en John heeft die ingezaaid met klaproos en korenbloem. Weliswaar twee kleine stroken maar door passanten gesmaakt vertelt de plaatselijke imker
Het voorjaar 2011 is enorm droog geweest, nog nooit zo meegemaakt. Laat het in hemelsnaam niet de kant van 1976 opgaan. Talrijke grote bomen waaronder veelal beuken hebben toen het loodje gelegd. Deze waterplas aan de Raaiberg staat bijna droog.
De houtwal op de Raaiberg is in een paar jaar flink gegroeid. Onlangs hebben we met behulp van jagers een aantal jonge struiken bij aangeplant.
Een sluikstorter betrapt? Nee gewoon John die de jonge aanplant water geeft.
Vorig jaar heeft John een kleine 10.000 kilometer afgelegd voor het bermbeheer. Op het eerst zicht lijkt dit ferm overdreven maar de talrijke hoofdzakelijk kleine verplaatsingen hebben flink doorgetikt. Ach het zij zo.
Mooie bloembermen en hagen vormen uiteindelijk een mooie beloning en zorgen voor een fijn gevoel.
De ontwikkeling van een mooi natuurgebiedje is een kwestie van werken en geduld. Nog een paar jaar en het perceeltje Raaiberg zal naar wens zijn en weinig onderhoud vergen.
Smeerwortel, een stevige bermplant, erg geliefd door hommels.
Dagkoekoeksbloem.
Gele morgenster, margriet en dagkoekoeksbloem, een mooie combinatie.
Een mooi perceel gelegen aan kruising Spijker en Roosbroek.
Met dank aan de eigenaar die ons flink ondersteunt.
Zodra de gele morgenster zijn portie zonlicht ontvangen heeft sluiten zich de bloembladen. Meestal tussen 12 en 13 uur, indien het echter flink bewolkt is zal hij enige uurtjes langer bloeien.
De kruipende boterbloem bloeit mooi.
Beemdkroon bloeit vroeger dan zijn verwanten zoals duifkruid en blauwe knoop.
De adderwortel kan mooie dichte bestanden vormen.
Valeriaan smeerwortel en gele morgenster.
De beemdooievaarsbek een topper.
De grote ratelaar bloeit weer maar heeft veel last van de droogte.
Ook het knoopkruid komt weer in bloei, de zaden hiervan zijn erg geliefd bij de putters.
Ieder jaar worden er weer aanplantingen gedaan. Jos in actie.
Wim helpt bij het opkweken van nieuwe planten.
Als er regen komt zullen er op het gefreesde stuk talrijke bloemen zoals korenbloem, klaproos en dagkoekoeksbloemen verschijnen.
Tuincentrum Cools geeft ons de mogelijkheid dit te verwezenlijken.
De sloot tussen het Spijkerbroekje en perceel Cools wordt steeds interessanter wat flora betreft. In sloten kan men vanwege verschil van lichtinval en vochtigheid talrijke plantensoorten aantreffen en zodoende ook een verscheidenheid aan insecten. Hier staat de gele lis in bloei.
Margrieten.
Zichtbare interesse, een fijne gewaarwording.
Hier kom ik tot rust.
Ligt dat aan de valeriaan?
Wat kan het leven toch mooi zijn.
Half mei 2011.
Er wordt weleens gediscuteerd over de juiste maten van nestkastjes en invliegopening. De koolmees ouders van deze jongen hebben er maling aan. Deze foto is in Tuincentrum Cools genomen.
De kleine donkere vierkante pot herbergt het nest.
De roodborsttapuit is weer terug in het land. Deze trekvogel gaat in aantallen achteruit maar ieder jaar is hij weer in de door ons beheerde bermen aanwezig. Voor wandelaar of fietser maakt hij zich kenbaar door een krassent geluid. Vaak zit hij op een weidepaal. Zij (madam) heeft minder opvallende kleuren. Verstoor hen zoveel mogelijk niet zodat ze tot goede broedresultaten komen.
De blauwe knoop is een belangrijke vlinder of bijenplant. Hij bloeit vanaf eind juli tot, als het meezit, begin november. Dit jaar hebben we er weer veel bij aangeplant.
Jagers zorgen voor biodiversiteit.
De natuur is geen Disney-wereld.
De kraai en gaai als rovers.
Voor zangvogel ouders wordt het steeds moeilijker om hun jongen groot te brengen. Niet alleen het verdwijnen van houtwallen en hagen en ruigtes, de uitgelezen broedplaatsen voor talrijke zangvogelsoorten, liggen aan de basis van de sterke achteruitgang van onze gevederde vrienden. Ook de talrijke kraaiachtigen zoeken alles af naar jonge nog niet uitgevlogen zangvogeltjes. Zelfs in boerenschuren roven de gaaien de nesten van de boerenzwaluwen leeg en ze zijn daarbij succesvol. Niet alleen vogeltjes worden gepakt maar ook van een flinke jonge haas zijn ze niet vies. Eerst worden de ogen uitgepikt en daarna volgt de rest. Dit alles gebeurt zeer snel.
Ieder jaar organiseren jagers van Essen een dag waarop hoofdzakelijk op kraaiachtigen gejaagd wordt. Willen wij nog van zangvogels kunnen genieten is het noodzakelijk dat het kraaienbestand binnen de perken blijft.
Met lokvogels probeert men de kraaiachtigen binnen schotsafstand te krijgen.
De natuur kan ons bekoren, althans bepaalde aspecten daarvan, maar het is tevens een harde werkelijkheid.