De natuur is geen Disney-wereld.
De kraai en gaai als rovers.
Voor zangvogel ouders wordt het steeds moeilijker om hun jongen groot te brengen. Niet alleen het verdwijnen van houtwallen en hagen en ruigtes, de uitgelezen broedplaatsen voor talrijke zangvogelsoorten, liggen aan de basis van de sterke achteruitgang van onze gevederde vrienden. Ook de talrijke kraaiachtigen zoeken alles af naar jonge nog niet uitgevlogen zangvogeltjes. Zelfs in boerenschuren roven de gaaien de nesten van de boerenzwaluwen leeg en ze zijn daarbij succesvol. Niet alleen vogeltjes worden gepakt maar ook van een flinke jonge haas zijn ze niet vies. Eerst worden de ogen uitgepikt en daarna volgt de rest. Dit alles gebeurt zeer snel.
Ieder jaar organiseren jagers van Essen een dag waarop hoofdzakelijk op kraaiachtigen gejaagd wordt. Willen wij nog van zangvogels kunnen genieten is het noodzakelijk dat het kraaienbestand binnen de perken blijft.
Met lokvogels probeert men de kraaiachtigen binnen schotsafstand te krijgen.
De natuur kan ons bekoren, althans bepaalde aspecten daarvan, maar het is tevens een harde werkelijkheid.